Bootje varen is niet toegestaan op het water van Kessel fort, maar daar werd onlangs een uitzondering voor gemaakt. Een specialist, Peter Coene, dropte er zelfs zakken vol wit poeder in het water! Voor je rare dingen begint te denken, het ging om een behandeling van het water met coccolietenkrijt. Met wat denkt u wellicht. Gelukkig legt Peter het ons vakkundig uit!

Wat is coccolietenkrijt ?

In essentie is coccolietenkrijt de kalkskeletjes van afgestorven algjes (coccolithoforen) uit de Krijtperiode van 145 tot 66 miljoen jaar geleden. Deze zijn miljoenen jaren aan een stuk bezonken op de bodem van de zeeën en vormden een dichte krijtlaag. Na winning van deze laag (uit groeves) wordt het krijt opgemengd en geroerd/gemixt met water en zo in stukken gebroken. Onzuiverheden (zoals stenen) worden zo verwijderd. Daarna wordt het krijt geperst en gedroogd op 700°C (op deze manier is het krijt volledig steriel). Daarna wordt het verder gemalen.

Hoe helpt het de waterkwaliteit verbeteren?

Coccolietenkrijt doet dienst als huisvesting voor goede bacteriën die slib omzetten. Zo komen er meer van die goeie bacteriën en dit geeft een versnelde slibafbraak. Het organisch materiaal wordt gebruikt als voeding (vergelijkbaar zoals het in een composthoop het geval is).

De laatste jaren wordt het ook met succes ingezet in meren tegen blauwalg. De werking hier ligt zich voornamelijk in de binding van fosfaten. Het uitzinken van de krijtsuspensie in het voorjaar neemt dus ook fosfaten en organische materiaal mee naar de bodem. In de krijtskeletten is tevens (beperkt) zuurstof aanwezig waardoor slechte omstandigheden in bodem en bodemwater verminderen.

Anderzijds zorgt het coccolietenkrijt ervoor dat het water helderder wordt doordat het krijt de binding aangaat met zwevende deeltjes in het water. Op deze manier krijgen ook de onderwaterplanten meer kans tot ontwikkeling aangezien het licht dieper in het water doordringt.

Waarom is dit nodig op een water als Kessel fort?

Doorheen de tijd ontvangt een onderwaterbodem veel organisch materiaal (algen, voer, bladeren,…). De capaciteit van de onderwaterbodem (en het water) is dikwijls te beperkt om deze organische fractie volledig weg te werken. Het zelfreinigend vermogen van het water wordt dus overschreden en een organische sliblaag wordt opgebouwd. Dit geeft verzuring.

Ook gasvorming (methaan en waterstofsulfide) wordt dan waargenomen en dit is giftig voor visleven en onderwaterplanten.  De waterkwaliteit daalt en het zuurstofverbruik van het slib stijgt. Deze evolutie gaat samen met de verlanding (natuurlijk proces) van een meer of vijver.

Het zelfreinigend vermogen kan verhoogd worden door de zuurstofhuishouding van de vijver goed en hoog te houden (beluchten). Op deze manier wordt het zelfreinigend vermogen niet overschreden en kan naast het wegwerken van het nieuw ontvangen organische materiaal ook historisch organisch materiaal weggewerkt worden.

 

Hoe snel werkt het en hoe lang blijft het nawerken?

Bij een eerste gebruik (bij dosering in het voorjaar) duurt het een 4 tot 6 weken alvorens de bacteriepopulaties voldoende groot zijn. Deze kolonies mineraliseren het organische slib gedurende het hele zomerhalfjaar en gaan in winterrust rond 10°C. Het jaarlijks uitbreiden van het substraat (door een onderhoudsdosis te hanteren) vergroot ook jaarlijks het beschikbare substraat waardoor er opnieuw meer huisvesting is voor de aanwezige bacteriën. Deze bacteriën zijn aëroob. Dit wil zeggen dat ze zuurstof nodig hebben om te overleven. Zuurstof is dus een belangrijke parameter voor een goede werking.

Het grote oppervlak van het coccolietenkrijt is essentieel. Dit oppervlak is nodig zodat bacteriën zich kunnen vestigen op het krijt na de dosering op de vijver. Coccolietenkrijt kan tot 15 cm in de bodemlaag doordringen. Het krijt werkt dus als medium voor de bacteriën die de modderlaag afbreken. De zeer lage oplosbaarheid (0,96 %) zorgt er tevens ook voor dat het substraat jaren intact blijft. De pH van de bodem wordt licht verhoogd zodat een meer geschikte omgeving voor de bacteriën wordt gecreëerd.

Wat kunnen mensen zelf doen om het water rond ons fort zo goed mogelijk te houden?

Gewone recreanten (wandelaars en fietsers) hebben weinig invloed op de waterkwaliteit van het fortwater. Vissers kunnen wel een invloed hebben en de hoeveelheid lokaas beperken. Het is de bedoeling dat de hoeveelheid voedingsstoffen dat het fortwater ontvangt zo beperkt mogelijk is. Hoe voedselarmer een systeem is of wordt hoe lager de kans op de ontwikkeling van (blauw)algen en hoe hoger de kans op de ontwikkeling van ondergedoken waterplanten. Op deze manier wordt het vijverwater ook meer helder en ecologisch waardevoller.

 

Deel dit artikel
THEMA